Posts tonen met het label vrienden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vrienden. Alle posts tonen

woensdag 8 mei 2013

Online vriendschap

Steeds als ik in het buitenland ben, besef ik weer hoe bijzonder vriendschappen zijn. De afwezigheid van mijn vrienden maakt mijn dagelijkse leven een stuk rustiger, en saaier. Ik realiseer me hoe hun aanwezigheid me normaal inspireert en voedt en hoe fijn het is ze om me heen te hebben.
Nu is het tegenwoordig praktisch onmogelijk om níet in contact te blijven, met dank aan de sociale media en het internet die alle afstanden relatief maken. Ik chat dagelijks met vrienden op Facebook, Skype minimaal eens per week met vriendin A. en mail regelmatig met M. over de Belangrijke Zaken Des Levens.

De laatste jaren heb ik - en ik ben vast niet de enige - vaak discussies over de online versus de wereldlijke vriendschappen. Als voorstander en gebruiker van sociale media vind ik het geweldig dat ik op een simpele manier op de hoogte blijf van andermans doen en laten, ook als ik mensen niet zo vaak zie. Naar mijn mening doet het verder ook geen afbreuk aan de waarde of echtheid van vriendschappen, maar biedt het vooral de mogelijkheid om vriendschappen te laten bestaan die anders wellicht geen kans op overleven hadden gehad. Er zijn mensen die ik helemaal niet zo goed ken, die ik op reis ontmoet heb en die ik in mijn dagelijkse leven praktisch nooit zie, maar die ik toch als dierbare vrienden beschouw.


Zoals mijn vrienden Sam en Heinrich, die mij elf jaar geleden een lift gaven in Nieuw Zeeland, en die ik sindsdien zo'n vier keer op verschillende plekken in de wereld gezien heb. Ik weet niets van hun dagelijkse leven, hun favoriete restaurants of de namen van hun ouders, ik weet niet eens hoe hun huis er nu uit ziet. Maar ik weet wie ze zijn, wat ze doen, waar ze wonen. Ik weet dat ze een hond hebben, en katten, en dat ze van reizen houden en dankzij Facebook zie ik flarden van hun leven voorbij komen. Elk weerzien voelt vertrouwd, alsof we elkaar gisteren nog zagen. Dat komt enerzijds door de sociale media, en anderzijds omdat ze gewoon heel leuk zijn en onze vriendschap blijkbaar geen wekelijkse updates nodig heeft. En de wetenschap dat deze twee heren aan de andere kant van de wereld hun leven leiden, en ook een deel van mijn leven zijn, hoe klein dan ook, vind ik bijzonder.



Overigens heeft de Amerikaan Paul Miller afgelopen week na een jaar lang offline te zijn geweest de online wereld weer opgezocht en trekt hij bijzondere conclusies over de voor- en nadelen van ons online leven.


woensdag 14 december 2011

Gezellig

Terwijl ik in de rij langzaam vooruit schuifelde, langs kitschig gedecoreerde kraampjes, etende mensen en verklede pelgrims die luid op triangels en tamboerijnen sloegen, vroeg ik me af waarom dit 'gezellig' was? Mensen wierpen een licht ongeïnteresseerde blik op de uitgestalde koopwaar: kralenkettingen, neusfluiten, dure olijfolie, van die vreselijke kristallen dierenbeeldjes en de laatste workshop resultaten van de lokale buurthuizen. Eigenlijk waren ze vooral op weg van het ene eetkraampje naar het andere. Na de bokworst kwam de mini kaasfondue, dan de gemarineerde champignons, de aardappelkoekjes en vervolgens de zoete crêpes, wafels en ijsjes met slagroom. De stalletjes daartussen boden een momentje van rust om de zojuist verkregen smaaksensatie nog even na te proeven, alvorens zich in een nieuw culinair avontuur te storten.

De kerstmarkt.

In Limburg groeide ik op met dit fenomeen, zij het in een afgezwakte vorm van de Duitse variant. Misschien verklaart dat mijn antipathie tegen dit jaarlijkse ritueel. Misschien is het de herinnering aan kerst, aan de gedwongen gezelligheid die in mijn geval drie dagen per jaar werd afgedwongen - of waar althans een poging toe werd gedaan - die maakt dat mijn haren overeind gaan staan bij de gedachte alleen al. Er zijn vast heel veel psychologische redenen te verzinnen.


Maar eerlijk gezegd denk ik toch dat het vooral te maken heeft met de overdaad, het gedachteloos consumeren, en de goedkope marketing waarmee hordes mensen zo gemakkelijk zijn over te halen om als schaapjes achter elkaar aan te lopen. Wat nou crisis, wat nou zware tijden, wat nou? Hier, op een landgoed in Duitsland, betalen duizenden mensen vijf euro om geld uit te mogen geven aan vet eten en onbruikbare spullen.


Hoewel ik mijn best doe om dit niet neerbuigend te laten klinken, en ik de bezoekers niet wil veroordelen - want wat is er mis met lekker eten en spulletjes kopen of kijken, en hee, je bent ook nog even buiten - realiseer ik me dat ik jammerlijk faal. Want ja, ik begrijp het niet zo goed. Ik begrijp niet dat je je laat leiden door impulsinkopen, ik begrijp niet dat het leuk is om in een rij te moeten wachten tot je je dure worst kan kopen, terwijl er buiten het terrein een goedkopere - en vast lekkerdere - worst te krijgen is. Ik snap niet dat niet iedereen in de rij steeds geïrriteerder word door het langzame tempo, de mensen die achter je je schoenen van je hiel trapten, de mosterd die plotseling aan je jas zit omdat de man die je zojuist probeerde in te halen zijn handen niet had schoongeveegd.

En wat me vooral opviel: weinig mensen keken er blij. Er straalde weinig vrolijkheid van af. Ja, de verkopers, die straalden. En ze gooiden er nog een schepje bovenop als ze zagen dat zich weer een klant aandiende. En mijn grote groep vrienden, waarvan er elf van de twintig nog nooit op een kerstmarkt waren geweest. Die waren ook vrolijk. Die dansten in de glühwein tent - als enigen - en die genoten van alle gekke etenswaren en snuisterijen. Maar die waren dan ook nog nooit op een kerstmarkt in Duitsland geweest.

dinsdag 8 maart 2011

China

Gisteren liep ik in de stromende regen om half elf met twee mensen door Chinatown. We hadden honger en het leek ons dat je daar op dit voor New York niet onchristelijke tijdstip toch wel moest kunnen eten. Terwijl we door de smalle straatjes liepen zagen we het ene na het andere rolluik dichtgaan, werden stoepjes voor de laatste maal die dag aangeveegd en zorgde de regen voor een verlaten sfeer. Tot we licht zagen branden en zagen hoe binnen een stuk of zeven obers en vijf koks neerzegen na een dag hard werken. Op onze vraag of we nog eten konden krijgen, werd er even in het Chinees gepraat en kregen we een korte knik, kom maar binnen. Onder het toeziend oog van twaalf Chinezen aten we snel onze Foe jong hai. Weer in de regen bespraken we de Chinese arbeidsethos: als je geld kan verdienen moet je het doen.

Vandaag zag ik de Tegenlicht documentaire over De Chinese bubbel, waarin een taxichauffeur concludeert dat hij honderd tot tweehonderd jaar zou moeten werken om een huis te kunnen kopen in de stad, en de vastgoedmagnaat besluit een stuk grond in, jawel, New York te willen kopen om er een Aziatische stad op te bouwen. "Dan noem ik het Asian Star of New Asia." De positiviteit straalt er vanaf, van de Chinezen. Of in ieder geval van de rijkere Chinezen. Zij hebben grote dromen, willen veel bereiken. De taxichauffeur hoopt dat de economie niet instort omdat er dan minder mensen met de taxi zullen willen reizen. De steigerbouwer verlangt naar het China van lang geleden. Hij voelt zich hier niet thuis, maar "zelfs in mijn dromen begeef ik me in de lucht".

De film liet me denken aan het Go West Project, van journalist Michiel Hulshof en architect Daan Roggeveen. Zij onderzoeken de ontwikkeling van nieuwe metropolen in China, die zich door de stagnerende groei van de miljoenensteden in het oosten steeds meer westwaarts strekt. In een presentatie over hun project, dat uiteindelijk in een boek resulteert, lieten zij vorig jaar in de Balie zien hoe China zich langzaam vult met nog lege steden, met lege woningen, lege (snel)wegen en enorme lege winkelcentra, waar nu nog niemand loopt, maar die wachten tot de miljoenen mensen die de komende jaren naar de stad zullen trekken, hen zullen vinden.

Volgens de econoom in De Chinese bubbel is vastgoed de enige manier van beleggen in een land waar je niet in het buitenland mag investeren, en in een tijd waarin aandelen te wisselvallig zijn. Maar op de website van het Go West Project staart de leegte je foto na foto aan.

Het deed me, om af te sluiten, denken aan een project waar ik al eerder over schreef: Highrise, out of my window. waar Tainan (ooit overigens door Nederlanders gesticht) de enige "Chinese" stad is in dit project. Het lijkt me toch dat er genoeg andere steden ook een prachtige bijdragen zouden kunnen leveren.


En bezoek de sites! Echt! Ze zijn geweldig!

maandag 23 augustus 2010

Hors Classe

Meer dan een jaar geleden schreef ik over Monica en Ablo, en hun leven dat zich deels in Mali en deels in Nederland afspeelde. Ablo is vorige zomer overleden, maar Monica blijft Mali met heel haar hart steunen. Zo heeft ze een nieuwe stichting opgericht: Hors Classe, waarmee ze een lokale school en jonge studenten helpt.
Om een beeld te krijgen van de omgeving waar het zich allemaal afspeelt staat nu een filmpje op youtube waarin te zien is hoe de kinderen van de school door middel van theater ernstige onderwerpen bespreekbaar maken.

Het liet me denken aan de dag dat ik met vriendiin S. in Jigo, het dorp van Ablo, met wat kinderen ' iets met theater' zou gaan doen. We hadden een paar kinderen gevraagd iedereen die wilde mee te nemen. Terwijl we afwachtten realiseerde ik me in lichte paniek dat fysiek theater misschien een beetje moeilijk zou zijn met kinderen die op hun tiende nog twee dimensionaal tekenden (ze tekenden bijvoorbeeld een konijn met vier pootjes achter elkaar, in plaats van de twee achterste pootjes half te tekenen, zoals kinderen hier dat doen.) Ook alle theatersport oefeningen die ik kende zou ik niet echt kunnen gebruiken: ik sprak geen Bambara, zij slechts een beetje Frans.
In deze toestand van lichte paniek hoorden we opeens een enorm lawaai; zo'n zestig kinderen kwamen het zandpaadje afgelopen op weg naar onze cour. Uiteindelijk bleek dat we ons voor niets zorgen hadden gemaakt. De kinderen wilden voor en met ons liedjes zingen, twee jongetjes gingen rappen en wij leerden ze het ouderwetse 'Anne Maria Koekoek', dat in een verbasterd Bambara werd uitgesproken. Ook werden toneelstukjes opgevoerd, net als in onderstaand filmpje. Niet alleen inspirerend, maar ook hoopgevend.

donderdag 27 mei 2010

Afscheid

Ik haat afscheid nemen. Sterker nog, ik kan niet eens weg gaan. Op mijn werk blijf ik vaak nog te lang hangen om met collega's te praten terwijl ik eigenlijk gewoon naar huis moet. Ik heb eigenlijk nooit zin om op vakantie te gaan en mijn huis, kat en vrienden achter te laten, maar wil als ik dan weg ben ook nooit meer terug. Vrienden die in het buitenland wonen kunnen mij met hun laatste avond borrel altijd diep melancholisch maken. Avonden in de kroeg lopen altijd uit op dronkenschap omdat het te gezellig is om weg te gaan en ik zing al jaren in hetzelfde koor omdat ik me niet kan voorstellen hoe de donderdagavond er zou uit zien zonder repetitie (en omdat het fijn is om te zingen natuurlijk). Afscheid nemen van Grote Dingen, zoals mensen, relaties (vaak aan elkaar verbonden), vriendschappen (idem) en huizen, vind ik zo mogelijk nog erger. De dreiging van een naderend afscheid kan me wekenlang een onbestemd gevoel geven.
De grap is: als het afscheid achter de rug is, weet ik vaak niet meer waarom ik er nou zo tegen op zag. Als de deur achter me is dicht gevallen heb ik zin in de reis, wanneer ik uiteindelijk een nummer uit mijn telefoon wis, heb ik me bij het feit neergelegd en zeker wat huizen betreft blijkt dat je er eigenlijk alleen maar op vooruit kunt gaan.

Vandaag neemt Ernst afscheid. Van het podium. Voor Altijd. Of in ieder geval voorlopig. Hij heeft zo'n veertien jaar gespeeld, en daarbij in stad en land mensen ontroerd, maar gaat nu een hele andere kant op en keert terug naar zijn oorspronkelijke studie, medicijnen. Het lijkt mij verschrikkelijk om te weten dat het applaus van deze avond het laatste applaus zal zijn. De laatste keer de routineuze voorbereidingen, de laatste keer de verwachte lach horen, de laatste keer buigen en de laatste keer de nazit in de kroeg. Het zal vast een mooie avond worden, die hopelijk heel laat eindigt. Afscheid is rekbaar.

Zijn afscheid is echter ook voor anderen een afscheid. Zonder ons, vrienden, fanschare, theaterbezoekers, te raadplegen kiest hij er zomaar voor om te verdwijnen. Wat ik persoonlijjk dan in ieder geval een verdrietig afscheid vind. Mij gaf hij veertien jaar lang een avond per jaar de magie van zijn verhalen en de ontroering van zijn liedjes, die nu alleen nog maar van cd te horen zullen zijn. Gelukkig zijn de meeste dingen niet definitief. De Police kwam weer samen om te spelen, net als Take That en NKOTB. Dus wie weet, komt er ook een dag waarop Ernst weer gaat ontroeren in theaterzalen. Mocht dat nou niet het geval zijn, dan word ik hypochonder, zodat ik vaak naar de dokter moet. Ik weet nu al welke liedjes zeker een medicinale werking zullen hebben...

maandag 26 april 2010

Fifteen minutes

Het concept is redelijk simpel: reserveer ergens in den lande een vakantiehuisje, nodig vrienden en vrienden van vrienden uit en neem een beamer mee. Wat je dan krijgt: drie dagen vol inspiratie!
Een paar jaar geleden bedacht vriendin S. dit concept. NIets nieuws natuurlijk, een weekendje weg met leuke mensen. Alleen wilde S. er wat meer invulling aan geven. Nadat iedereen was afgestudeerd en langzaam in zijn of haar eerste of tweede baan was gerold, realiseerde zij zich dat ze steeds minder wist wat haar vrienden bezig hield. Ze wist dat ze arts waren, of op een bank werkten, festivals organiseerden of les gaven. Maar wat deden ze nou precies? Zo vatte ze het idee om iedereen de mogelijkheid te geven om zijn of haar werk, of een aspect daarvan uit te leggen. Hoe constateer je dat iemand buikloop heeft? Hoe bereid je je voor in een juridische zaak, wat voor geschiedenis les geef je nou eigenlijk?
Door drukte, werk en het leven zelf kwam het er nooit van om dit idee in werkelijkheid om te zetten.

Tot een andere vriendin, A, die erbij was toen vriendin S. haar idee aan ons voorlegde, besloot woorden in daden om te zetten. Ze gaf er haar eigen spreekwoordelijke draai aan en nodigde vrienden uit om in een kwartier iets te vertellen, het kon over werk zijn, over hun kat, over waarom ze zo graag thuis naar de wc gingen of over hun grote inspiratiebronnen. Alles mocht. En zo ontstond Fifteen minutes of Fame.

Helaas was ik er zelf door omstandigheden niet bij de eerste keer, maar afgelopen weekend kreeg ik een herkansing. Een weekend lang werden we gevoerd met nieuwe inzichten, levenswijsheden en verhalen. Terwijl buten de zon scheen, zaten wij met twaalf mensen in een verduisterde woonkamer te praten over beslissingen nemen, leren managen, het proces van het schilderen, zelfreflectie in conflicten en ga zo maar door. Tussen de presentaties door aten we en dronken we, overdag buiten in de zon en tot in de diepe uurtjes in dezelfde woonkamer. We beoefenden tai-chi en we leerden masseren.

Ik zou wel ieder weekend met andere mensen een Fifteen minutes of Fame willen hebben. Voed mij met je ideeën, gedachten en inspiratie! Aangezien dat wellicht niet haalbaar is ben ik ok bereid om op andere manieren er naar te luisteren. Mail me, bel me, kom langs. Laten we onze kennis niet voor ons houden.
Zoals een van de aanwezigen zei: iedereen heeft betekenis in deze wereld, en iedereen kan bijdragen.
Komt u maar


(Voor de volledigheid: tijdens het weekend is collectief besloten dat de naam, die blijkbaar verwarrend scheen te zijn voor sommigen, te vervangen door Matchbox, a spark of inspiration)

zondag 11 oktober 2009

PIET

Mijn vader heet Piet. Dus toen ik een half jaar geleden werd uitgenodigd op Facebook om vrienden te worden met PIET, wist ik even niet wat ik zag. Wat? Mijn vader? Op Facebook? Al snel bleek natuurlijk dat mijn vader deze digitale stap nog lang niet gezet had (en nooit zal doen, vermoed ik).
PIET is een band.
PIET bestaat uit lieve mensen die Amsterdam al maanden mooier maken door regelmatig van zich te laten horen. Als ze doorgaan met de vaart die ze nu hebben dan weet binnenkort iedereen van PIET.
Aangezien ze net hun eerste clip hebben opgenomen, leek dat me nou een mooi moment om aan hen een post te wijden.
Bij deze dus.

zondag 28 juni 2009

Bosconcert

Gisteren stond ik vanaf zes uur 's avonds in Soest tussen de bossen en het zand te hopen dat het niet zou gaan regenen.
Heel Nederlands had inmiddels al last van het water gehad. Volgelopen kelders in Venlo, stortbuien bij Zwolle. Waarom zouden wij gespaard worden? Wekenlang was al door een commissie naar deze dag toegewerkt: er was een piano gekocht en gestemd, familie en vrienden waren uitgenodigd, kleedjes en lampjes gekocht. Koor Convivium was klaar om te zingen.



Diep in mijn hart was ik bang dat er niemand zou komen. Wie voelt zich nou geroepen om op zaterdagavond in de auto te stappen en naar een afgelegen locatie te rijden om buiten te staan, als Erwin, Marion en Piet allen voorspellen dat het met bakken naar beneden zal komen.

Hoewel de lucht dreigend leek en we voortdurend verschrikt omhoog keken of we echt een spatje gevoeld hadden, bleef het droog. We kleedden de locatie aan: twee tentjes voor het geval dat, waxinelichtjes langs het pad naar de verschillende locaties en de piano op de heuvel. Daarna zongen we alvast in. Tussen de bomen. Terwijl wandelaars met hun honden beneden langs het pad verdwaasd stil bleven staan om te luisteren.



Toen de schemering intrad en we naar het beginpunt liepen stond er een grote groep mensen te wachten. We namen ze mee naar de duinrand, schonken drankjes en begonnen aan onze a capella cyclus. Met achter ons de duinen, boven ons de wolkenvrije lucht en voor ons tachtig mensen zittend op kleedjes en tegen bomen.

Na de pauze namen we iedereen mee naar de boslocatie. Een sliert mensen liep, bijgelicht door kaarsjes, langs het pad. We klommen de heuvel op en groepeerden ons rondom de piano. Ons publiek om ons heen. Toen we begonnen met het Ave Verum van Mozart, begeleid door onze eigen piano, schoten de tranen in mijn ogen.
Onze eigen Oerol voorstelling in Soest.

zaterdag 20 juni 2009

Trouwen

Ik had twee huwelijken in drie dagen.
Dat is veel voor iemand die twijfelt aan verplichte nummertjes.
Vandaag zong ik met mijn koor op de trouwerij van een van onze tenoren in een kerkje in Schellingwoude. De ceremonie was mij iets te 'spiritueel', met kaarsen en bijbelfragmenten. Maar toen bij de bruidegom de tranen in zijn ogen schoten bij het horen van onze muziek, kreeg ik kippenvel.

Twee dagen geleden stond ik op het wad van Terschelling zelf te huilen toen het bruidspaar hun teksten uitsprak. Gelukkig was ik niet de enige en pinkte zelfs de stoerste jongen een traantje weg die ochtend. De officiële plechtigheid was vroeg in de ochtend snel op het gemeentehuis geregeld, zodat op het wad alle tijd was voor theater.

Wat ik de afgelopen dagen geleerd heb is dat je er in ieder geval echt van kan maken wat je zelf wil, dat stukjes (en dan met name die van familie) verboden moeten worden, hoe leuk ze ook zijn voor de intimi, dat de hele dag eten en drinken een geweldig tijdverdrijf is en dat een goede storm op het eind een prachtig eind van een feestje is.

Op bruiloften gaan mensen Belangrijke Dingen zeggen.
Over de Liefde, Relaties, het Leven.
Dat raakt. En zet je tot nadenken. Wat ik de komende tijd dus maar eens ga doen.

Want mocht ik ooit overgehaald worden tot zo'n beslissing, dan moet ik natuurlijk wel weten wie ik ben, en wat ik wil. zodat die ander zich daar geen zorgen over hoeft te maken. En dan wil ik een band die het dak er vanaf speelt, veel vrienden en wat familie, en een locatie die ontroert.
Maar ja, we zouden natuurlijk ook gewoon een ticket kunnen boeken naar een ver oord.

zondag 10 mei 2009

Digitale vrienden

Zondagmiddag online.
Op Facebook krijg ik een berichtje van een vriend uit NY. Een van zijn vrienden speelt in de Melkweg vanavond, of hij even kaartjes voor me moet regelen... Tuurlijk! Altijd leuk! Jon Solo speelt met Brett Dennen in het voorprogramma van the Fray. Aangezien dat soort shows altijd later beginnen dan aangekondigd kom ik met R. die ook van leuke bandjes houdt, rond achten bij de Melkweg. Er wordt nog gebouwd. Om half negen komt de band op. Het applaus is echter van dien aard dat wij het donkerbruine vermoeden krijgen dat dit de uitverkochte hoofdact is.
Ik heb geen iPhone, dus kan niet even snel het internet op om via Facebook Jons nummer te vragen, de sms laat op zich wachten. Aangezien the Fray niet ons kopje thee is gaan we onverrichter zake weer naar huis.
Thuis gekomen goggle ik beide heren en stuit op een groot aantal melige videoblogs van hun tour (op de site van Brett te zien) en hun myspace-sites.
Verdorie, dit is nog echt leuke muziek ook! Aanstaande woensdag staan ze in Rotterdam in Rotown en volgende week maandag in Eindhoven in de Effenaar. Wie gaat er mee?

Jon maakte de muziek bij onderstaande video, die dan weer gemaakt is door Dave, uit NY.

2008 Cherry Blossom Time-lapse at Brooklyn Botanic Garden from Brooklyn Botanic Garden on Vimeo.

maandag 17 november 2008

Nut

Afgelopen weekend had ik een lange discussie over het nut van blogs, hyves, myspace, facebook, sms, msn, email, twitter en wat daar niet meer zij. Men vroeg zich af wanneer je dat allemaal moest doen en wie daar nou in godsnaam tijd voor had. Dat waren natuurlijk allemaal mensen die computers eng, stom of oninteressant vinden. Geen mensen die er dagelijks achter zitten en soms wat afleiding nodig hebben.
Op zijn minst houd het je lekker bezig, zou ik zo zeggen. En soms is het handig om op de hoogte te blijven van de muzieksmaak van je vrienden en dergelijke. Kijk, ik weet ook wel dat ik dit alleen voor Amis schrijf. Maar dat is dan toch gezellig? Weet jij ook weer waar ik het over heb gehad terwijl jij in Jakarta zit..