Posts tonen met het label Burning Man. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Burning Man. Alle posts tonen

zondag 24 oktober 2010

Brand

Tijdens de autorit via de lange weg die zich door het landschap baande, voelden we de spanning stijgen. Toen bij aankomst een regenbui losbrak die ons alle zicht op de omgeving ontnam, gingen we er vanuit dat we dichtbij waren. Maar toen de schemering eenmaal had ingezet en de donkere wolken waren weggetrokken, zagen we Hem opeens in de verte staan. Het eerste dat we na aankomst dan ook deden was te voet, bijna op een drafje, naar Hem toe lopen. Het leek bijna onwerkelijk, ongelofelijk, dat we er eindelijk waren. Al die voorbereiding, al dat regelwerk. Al die dingen stonden in het teken van dit moment: onderaan De Man staan, om je heen kijken en je realiseren dat het allemaal écht bestaat.

Alles wat met Burning Man te maken heeft wordt geflankeerd door Zijn afbeelding. Stickers, affiches, websites, posters, maar ook briefjes in etalages in San Fransisco waar Burning Man kleding of andere materialen te koop zijn: overal is De Man. Nog voordat je de playa hebt bereikt staat je leven al onder invloed van De Man. Het Icoon. Het Symbool.

Tijdens het festival is Hij letterlijk het centrum: alle wegen leiden naar De Man. Ooit, vijfentwintig jaar geleden, was Hij een lappenpop, van twee meter groot. Nu staat Hij levensgroot op een toren van vier etages en torent Hij boven alles uit. Overdag kan je Hem zien staan: rotsvast, wachtend op wat komen gaat. 's Nachts feest Hij mee, met gekleurde led-verlichting die Zijn omtrek tonen. Wanneer je je ook maar een beetje verloren voelt in de wir war van straten, kampen en verlichte Art Cars, zoek je De Man en je wereld valt weer op zijn plek.



De hele week wenst iedereen je 'a great burn' toe. Wanneer je vertelt dat het je eerste burn wordt, gedraagt iedereen zich alsof je binnenkort ingewijd zult worden in een groot geheim. Alsof je ouders je net verteld hebben dat Sinterklaas niet bestaat en je dat geheim moet houden voor je jongere broertje. Op zaterdag, de dag van de burn, voel je de spanning toenemen. Wanneer het donker is voel en zie je hoe alles en iedereen zich langzaam maar zeker naar de playa begeeft. Alle energie lijkt maar één kant op te kunnen gaan.

We hadden het geluk om redelijk vooraan te zitten, op de grond in het stof, op de derde rij vanaf de lege cirkel die rondom De Man werd vrijgehouden. Achter ons verzamelden zich steeds meer mensen. Achter de tien zittende rijen vormden het dubbele aantal staande rijen een nieuwe cirkel. Daarachter kwamen de Art Cars, die ook allemaal gevuld waren met toeschouwers.

In de cirkel begon de vuurshow, met poi dansers, een vuurspuwende draak, vuurspuwers, en alles wat met vlammen te maken had. Daarna begon een vijftien minuten durend vuurwerk waar geen einde aan leek te komen. Iedere apotheose van niet te bevatten kleuren werd door een nog grotere, indrukwekkendere, versie overstemd.
Uiteindelijk vatte de toren vlam, al snel daarna De Man zelf. Gedurende de week had Hij met Zijn armen ferm langs Zijn lijf de stofstormen getrotseerd. Nu waren Zijn armen ten hemel geheven en leek Hij zich over te geven aan het stof en het vuur. Ik had medelijden met Hem. Tegelijkertijd laaide de spanning met de vlammen op, en wachtte iedereen op het moment dat de stellage met De Man in elkaar zou stortten. Dat gebeurde na zo'n dertig minuten. De ontlading die volgde leidde tot nóg heftigere feesten dan eerder in de week, nóg meer licht, en mensen die urenlang rondom het vuur bleven dansen.

Die avond en de dag erna is het festival zichzelf niet meer. Iedereen lijkt doelloos rond te fietsen, zoekend naar een richting, een doel. 's Nachts raakte ik herhaaldelijk verdwaald, omdat het baken weg was. Veel mensen verlieten na de burn al het terrein, anderen bleven net als wij voor de Temple Burn op zondag. Het voelde allemaal leger dan daarvoor. Hij was niet meer. Pas over 355 dagen zal Hij weer verschijnen.

donderdag 14 oktober 2010

Hippie

Het is een van de weinige dingen waarbij geen tijd vermeld staat in het programma. Er stonden op vrijdag wel allerlei gerelateerde evenementen vermeld, van bodypainten, tot ontspannende massages, van wodka op het middaguur tot het uitzoeken van passende kostuums. Critical Tits hoort bij Burning Man.

Thuis had ik, in pogingen uit te leggen wat het festival nou precies inhield, ook steeds weer dit voorbeeld genoemd. Een fietstocht, geïnspireerd op de Critical Mass bijeenkomsten die al sinds de jaren zeventig over de gehele wereld plaatsvinden, maar dan op zijn Burning Mans. Natuurlijk zou ik meedoen, je gaat naar Burning Man of niet.

Eenmaal daar nam de noodzaak om mee te fietsen af. Als je de hele dag half of geheel naakt kan rondlopen, als je wil, waarom zou je het dan precies op dat ene moment doen? Gedurende de hele week zag ik overal blote borsten, en hier en daar naakte lijven, die al fietsend, of wachtend in de rij voor koffie, uiteindelijk niet echt opvielen. Toch wilde ik het niet aan me voorbij laten gaan. Ik zou eerst naar een bodypaint workshop gaan, en me dan voegen in de rij van fietsende vrouwen.

Door een licht oponthoud bij de Human Carcass Wash liep mijn tijdschema, voor zover ik dat probeerde te hanteren, een lichte vertraging op. Terwijl ik fris en schoon maar wel gekleed richting de Esplanada fietste, zag ik de stoet al aankomen. Shit. Te laat voor de bodypaint. Wat te doen? ik stond als toeschouwer langs de weg terwijl de stoet aan me voorbij trok. Was dit het? Was ik te laat? Borsten met bloemen, boompjes, vlinders en geometrische figuren erop geschilderd, kwamen voorbij. Vrolijke vrouwen, die joelden, zwaaiden, en met elkaar kletsten. Ik wilde niet toekijken! Dus liet ik mijn rugzak van mijn schouders zakken, trok mijn toch al minuscule bikinitopje uit, sjorde mijn rugzak weer op zijn plek, en stuurde richting de stoet.

Zonder bodypaint voelde ik me naakter dan naakt. Maar toen keek ik om me heen. Grote borsten, kleine borsten, hangtieten, geopereerde borsten, beschilderd, naakt, ze waren er allemaal. Langs de route, die ook deels door de stad ging, stonden andere vrouwen en mannen te kijken, te applaudisseren en brachten met zogenaamde 'mystifiers', waterflessen waarmee ze water sproeiden (een ander bekend fenomeen) verkoeling. Mannen riepen Thank you! en You go girls!

We draaiden de playa op en fietsten naar een plek ver weg van de stad. Daar stonden grote mannen die ons wezen waar we onze fietsen konden neerzetten en die borsten-kijkers op een afstand hielden. Daarna liepen we naar de haag van vrouwen die zich inmiddels gevormd had. aan het begin werd zachtjes gezongen, wanneer je er doorheen liep hoorde je overal stemmen. Ietsje verderop gaf iedereen high fives. Ik sloot me aan en verwelkomde de volgende vrouwen die in een eindeloze rij bleven komen.

Terwijl om ons heen de winden steeds meer opspeelden en er steeds meer stofstormpjes ontstonden, dansten wij op een speciaal daarvoor aangelegde dansvloer. Na afloop rookte ik met een vriendin uit New York, die ik daar letterlijk tegen het lijf liep, al liggend in een daartoe bestemd kunstwerk wat wiet. Dichter bij de jaren zestig zou ik niet komen.

zaterdag 9 oktober 2010

Geven

Burning Man hanteert een aantal principes, die de leidraad voor het festival vormen. Zo is iedereen welkom, mag je geen sporen achterlaten, moet je zelfvoorzienend zijn, en is het festival gewijd aan het geven. "Burning Man is devoted to acts of gift giving. The value of a gift is unconditional. Gifting does not contemplate a return or an exchange for something of equal value." Daarnaast wordt van iedereen verwacht dat hij of zij deelneemt aan het festival, op wat voor manier dan ook.

In de voorbereiding leidden al deze principes tot een koortsige zoektocht naar mogelijke bijdragen, waarbij de verschillende opties ontelbaar en vooral vaak moeilijk te realiseren waren. Uiteindelijk liet ik, mede belemmerd door de afwezigheid van enig tijds- of plaatsbesef, totaal verstek gaan toen mijn mede Burners de uiteindelijke ludieke acties gingen uitvoeren. In de tussentijd had ik wel al een afspraak met mezelf gemaakt dat ik vooral veel zou deelnemen, aan wat dan ook. Dus schreef ik boodschappen in boeken, op veren en op koelkasten, probeerde ik me te laten leiden door de gongmeditatie, waste ik zo'n dertig verschillende mensen, belandde ik in een cinnamon-roll knuffel met tien anderen en deed ik een poging onze buurman te helpen met het bouwen van dansblokken bij zijn dome. Gelukkig kreeg ik op de laatste dag de mogelijkheid om als vrijwilliger in het café te werken, waardoor ik ook nog écht nuttig bijdroeg.

Natuurlijk genoot ik ook van de giften van anderen. Op feestjes kon je met je eigen beker (leave no trace) naar de bar lopen, een drankje bestellen, en zonder ook maar iets te geven weer gaan dansen. Ik kreeg fruit uit blik van vriendelijke Nederlanders, mocht van een geweldig uitzicht genieten in een privé kamp, reed met de mooiste Art Cars mee, maakte mijn eigen Burning Man hanger en laafde me aan alle prachtige kunst die overal te zien en te beleven was.

Belangrijker is echter dat ik het mee nam, het idee van geven, dat verder zou moeten gaan dan de playa van Black Rock City. Dat je overal kan toepassen, en waardoor de wereld hopelijk een klein beetje mooier wordt. Het is zo gemakkelijk om te geven. Je kunt, zonder dat het je een cent kost, complimenten geven, naar iemand lachen in de trein, iemand de weg wijzen, of iemand voor laten gaan die haast heeft, of nog simpeler: je niet opwinden als iemand je de weg afsnijdt, geduldig blijven als iemand irritant doet. Zonder dat je je hele salaris weggeeft aan anderen, of je huisraad op straat zet voor zwervers, kan je ook met kleine beetjes geven: stuur eens een echt kaartje met een postzegel, trakteer een wildvreemde op koffie, koop de daklozenkrant, gooi de spullen die je niet meer gebruikt niet weg, maar geef ze aan tweedehands winkels.

Laat ik voorop stellen dat ik niet de moraalridder wil uithangen. Iedereen doet natuurlijk al zeker de helft van al deze dingen. Steeds weer realiseer ik me echter dat ikzelf al te vaak op een of andere manier toch iets terug verlang: waardering, respect, dank, de tweede kop koffie, net zo'n leuke kaart in mijn brievenbus. Het echte geven, zo leerde ik op Burning Man, betekent niets verwachten, onvoorwaardelijk.

donderdag 30 september 2010

Stof

De eerste dagen was het heerlijk weer. Na de uitzonderlijke regenbui van de eerste dag scheen de zon lang niet zo hard als verwacht, en hoewel het 's nachts wel koud was, hadden we genoeg voorbereidingen getroffen om lekker te kunnen slapen. Grappend sloegen we elkaar op de schouder, al die mythische verhalen over de zware weersomstandigheden, de vermoeiende zandstormen, de uitputtende droogte; het waren de verhalen van zwakkelingen, die niet tegen een stootje konden. Waar hadden ze het over? Het was heerlijk weer, de zon scheen, zo nu en dan verkoelde een briesje wind onze warme lijven.

Totdat de wind kwam.

In eerste instantie begon het met kleine wervelstormpjes, die in de verte het stof lieten rond dansen over de vlakte. Een prachtig gezicht, dat ons blij maakte, omdat het in werkelijkheid nog mooier was dan op de foto's. Op de avond dat ik, naar belofte, in mijn mooie witte jurk, in een sneltrein tempo naar het einde van de playa fietste om op tijd bij de brand van Megatropolis te zijn, was het warm. Het vuur was prachtig, het publiek joelde. Nadat de houten constructie in elkaar was gestort en iedereen uitgekeken was op de smeulende hoop voor ons, maakten we aanstalten om vrienden te bezoeken aan de andere kant van de playa. De warmte van de dag had blijkbaar een of andere meteorologische uitwerking gehad, waardoor we al fietsend van het ene op het andere moment in een stofstorm belandden. Natuurlijk hadden we de wind wel gevoeld, maar dit was anders. Dit was ook geen klein stofstormpje meer, dat dansend over de playa ging, dit was een witte vage mist die met enorme snelheid om je oren suisde. We probeerden te fietsen, maar zonder zicht op voertuigen en licht voelden we ons totaal verdwaald. Lopend probeerden we ons te oriënteren op het geluid om ons heen. De vuurspuwers van Ein Hammer in de verte op links, de dreunende bas van Nexus op rechts. Toch? Wanneer de wind even geen stof verplaatste en we in de verte de stad weer konden zien, bleek steeds dat we weer teveel de verkeerde kant op waren gegaan.

Binnen de stad was er meer bescherming, maar ook daar wist het stof ons te vinden. We fietsten met dichtgeknepen ogen en naar adem happend tussen de vlagen door. De rust die even later over ons heen viel in hun camper voelde als een warme deken in een koude nacht. Onze ogen konden weer open, alhoewel onze grijze wimpers het zicht nog steeds licht belemmerden, en we konden weer gewoon adem halen, alhoewel dat voortdurend leidde tot heftige hoestbuien. We waren onherkenbaar grijs.

De volgende dagen bleef de wind regeren in de stad. Hij vermoeide en hij putte uit. De voortdurende waas van grijs stof in combinatie met het felle zonlicht creëerde het gevoel van een droom, waarin alles wat je zag bedrog was. In mijn eentje op de fiets over de playa voelde ik me herhaaldelijk opgesloten in mijn eigen kleine universum, dat bestond uit stof, licht en warmte, mijn adem en mijn hartslag. Eens in de zoveel tijd zweefde een vreemd uitziende auto langs, of ving ik flarden van een gesprek op dat blijkbaar in mijn buurt werd gevoerd. De wind en het stof waren zwaar, vermoeiend en uitputtend.
Eindelijk begrepen we de mythe.

dinsdag 28 september 2010

Human Carcass Wash

Dat ik me meer dan een week niet zou kunnen douchen vond ik geen probleem. Ik voorzag dat hulpmiddelen als babydoekjes, deo en de bekende 'zeep zonder water' de schade voldoende zouden kunnen beperken. Op mijn reizen in Afrika en Azië had ik ook al soortgelijke situaties meegemaakt, en ook daar had me steeds prima gered. Daarnaast was ik natuurlijk niet de enige die een nieuwe vorm van hygiëne moest uitvinden, de andere bezoekers kampten voor het overgrote deel met hetzelfde probleem. De gezamenlijke opbouw van viezigheid en geurtjes zou waarschijnlijk ongemerkt plaatsvinden.
Mijn haar baarde me meer zorgen. Dat heeft van nature nou niet de meest flexibele, dansende, altijd goed in model zittende eigenschappen en vraagt nogal wat aandacht. Na enkele dagen rondfietsen in warmte en stof, en nachten verborgen worden onder diverse hoofddeksels die varieerden van mutsen tot kapjes, plakte het dan als een prachtig vóór-de-behandeling-voorbeeld van een shampoo reclame op mijn hoofd. Tijd om een kamp te zoeken waar ik mijn haar zou kunnen wassen.

Aangezien de aanwezige kappers urenlange rijen voor hun tent hadden staan en ik het shampoo-kamp, dat toch echt op 8:30 en Edinburgh zou moeten zitten, niet kon vinden, besloot ik de Human Carcass Wash te proberen.
Bij aankomst stond al een rij van naakte mensen klaar om te beginnen. In de tijd die ik nodig had om me te ontdoen van mijn kleren, wat zeker in deze situatie redelijk snel ging, was de rij uitgegroeid tot een man of vijftig.

Terwijl ik luisterde naar de uitleg van de organisatie, niet wetende waar ik mijn handen moest laten, en wachtte tot het mijn beurt was, maakte ik grapjes met de mensen om me heen. Mensen die ik zo dadelijk moest gaan wassen. De kleine man naast me vertelde me dat hij ieder jaar minstens één keer de Carcass Wash deed, omdat het zo fijn was heel even schoon te zijn en voor de gezelligheid. Een Iers uitziende man naast me keek me aan, glimlachte en vroeg toen: 'Are you from Amsterdam?" Lichtelijk verward antwoordde ik ja. Hoe kon hij dat nou in godsnaam zien? 'Are you into film?' was zijn volgende vraag. Ik knikte weer. Nadat ik mijn spraakvermogen weer hervonden had en met hem de discussie aan kon gaan hoe en wat en waarom, concludeerden we uiteindelijk dat we acht jaar geleden op het IDFA geruime tijd met elkaar gesproken hadden. De precieze setting kon ik me niet meer herinneren. "I can help you wash your hair later,' bood hij aan, me weer terug brengend in het moment. Ik realiseerde me dat er een grote kans was dat ik deze aardige, doch onbekende bekende wellicht dadelijk zou moeten wassen, of dat hij mij zou wassen. We werden echter ingedeeld in verschillende waslijnen, zodat ik uiteindelijk moest samenwerken met de kleine man voor me, een goed behaarde vrouw van in de veertig en een dunne oudere man die vooral goed in het reinigen van de bilnaad bleek te zijn. Hem heb ik voor laten gaan toen we aan de beurt waren om gewassen te worden.

Na afloop liep ik door naar een kort rijtje mensen die elkaars haar aan het wassen waren. Ik mocht direct plaats nemen, en werd door vier handen grondig schoongemaakt. Heerlijk fris liep ik even later weg, genietend van de koelte en mijn natte haar. Twee uur later begon de ergste stofstorm van de week, waarna het dagen lang geregeld stormde en een onkambare kluwen stof en haar mijn hoofd langzaam overnam. Maar het was niet vet.

dinsdag 21 september 2010

Activiteiten kalender

Iedere ochtend schrok ik wakker. Du moment dat ik mijn ogen opende en me realiseerde dat ik in mijn tentje kampeerde op Burning Man, schoot een lichte paniekaanval door mijn lijf: het bewustzijn dat ik alweer zoveel uur gemist had. Burning Man is net als New York, een stad die vierentwintig uur per dag leeft, waar je ieder moment van de dag iets bijzonders kunt beleven. Iedere minuut die je slapend doorbrengt, betekent dat je dingen mist. Bijzondere dingen. Dingen die moeilijk na te vertellen zijn. Dezelfde paniek heb ik lang geleden afgezworen in mijn dagelijkse leven: daar waar ik ben is het goed. Maar de energie van het festival maakte dat ik me weer liet regeren door oude patronen.

Wanneer je je kamp uitliep, begon het avontuur. Bijvoorbeeld onderweg naar de wc, bij The Horse Cock Camp, onze buren, die je iedere ochtend een spanking met een enorm grote (vandaar de kanmpnaam) dildo aanboden. Mijn voornemen om op alles 'ja' te zeggen heb ik na een paar dagen laten varen. Aan het einde van onze straat stond een bar in de vorm van een piratenschip, waar je iedere avond gratis drankjes kon halen. Twee straten verder vond ik een telefooncel waar je met god kon praten (hij had niet zo heel veel te melden) en tussen drie en half vier kon je onderaan de Man zoenen met Jake, die op zoek was naar 'the best kisser in the USA'. Kritiek kon achteraf op aanvraag verkregen worden.

Bij binnenkomst kregen we een boekje met alle activiteiten van de week. Alleen al het doornemen daarvan kostte je ongeveer een halve dag. Sommige onderdelen waren ronduit onbereikbaar: voor de gratis knipbeurt door professionele kappers, tussen vier en zes uur, stond een rij tot aan het einde van de straat. Bij de gongmeditatie was ik laat genoeg om op een te zonnig plekje te liggen, waardoor ik haast een zonnesteek opliep voordat ik op welke manier dan ook een meditatieve staat van zijn had bereikt. Ik pikte nog een laatste restje gratis yoghurt ijs mee, toen ik toevallig langs fietste en de rij van drie kwartier was geslonken tot vijf minuten.

Het duizelde me de hele dag van alle mogelijkheden. Dagen na het verlaten van de playa was ik nog steeds niet uitgelezen in het boekje met activiteiten. Zoals me al eerder verteld was, is de gids vooral een bewijs van alles wat je gemist hebt. Maar door dat bewustzijn wil ik alleen maar nog liever weer terug volgend jaar. In de hoop me dan te kunnen neerleggen bij dat vreselijke feit.

maandag 20 september 2010

MOOP

Alles wat je kan verzinnen is er te vinden. Alles behalve één ding: afvalbakken. Burning Man hanteert namelijk een 'leave no trace' beleid: wat je zelf meeneemt, dien je ook zelf mee terug te nemen. Sterker nog: wanneer je op een bepaald moment iets van iemand krijgt, moet je dat vervolgens ook zelf mee terug nemen. Een wijze les die ik opdeed toen ik op een warme namiddag dankbaar een slok van een biertje nam, vervolgens de persoon die me het flesje had aangeboden niet meer kon terug vinden en de rest van de dag met een leeg bierflesje moest rondlopen omdat ik al die tijd te ver van ons kamp was om het even in een vuilniszak te gooien.

Een van de termen die bij dit beleid horen is MOOP: Matter Out Of Place. Wat is zoal MOOP? Alles. Letterlijk alles is MOOP. Wanneer het op de grond ligt en niemand het vast houdt, is het MOOP. En ja, ik hou van het woord MOOP. Nog beter is het werkwoord: MOOPEN. Of, op zijn Engels: MOOPING.
Dit leidde tot een week lang heerlijk vervormen: 'he! Je moopt!'. 'Jongens, niet moopen hoor!'. Shit, ik moopte net per ongeluk op de fiets.'
MOOP vergemakkelijkt de conversatie ook. Je hoeft geen beschrijving meer te geven van wat er op de grond ligt. In plaats van te zeggen: 'pas op, het plastic pieletje waarmee je etiketje aan je trui zat, ligt naast je stoel', zeg je nu alleen: 'pas op! MOOP!'. Iedereen begrijpt direct wat je bedoelt. Soms gingen we ontmoopen: ons kamp afvalvrij maken, met andere woorden: turend naar beneden, gebukt met je neus bijna op de grond, op zoek naar de kleinste flintertjes hout, etensresten, papier, of wat dan ook, alles wat geen onderdeel was van de natuurlijke omgeving.

Het bekende liedje Manha Mahna van de Muppet Show is een erg goed ontmoop liedje: Moopmoop Moopmoop...

zondag 29 augustus 2010

Voorbereiding

Meer dan tien jaar geleden las ik in een boek met reisverhalen over een festival in de woestijn, waar mensen in totale vrijheid hun gang gingen. Het leek een verzonnen verhaal, een utopie die niet in werkelijkheid bestond. Ik besloot dat ik het ooit zou meemaken. Jaren later zag ik foto's en hoorde ik verhalen, zag ik hoe die utopie er in werkelijkheid uit zag. Beelden van standbeelden die naar de hemel grepen, konijnen die gedurende een week verlicht raakten, rijdende voertuigen die alles konden voorstellen: kastelen, boten, pyramides. Mensen in de vreemdste outfits, omgeven door wervelstormpjes van zand, fietsend over een grote leegte met op de achtergrond altijd die man.
De verhalen waren intrigerend, spannend en doodeng. Het zou verschrikkelijk zwaar zijn, een week lang vechten tegen de elementen. En het zou ongelofelijk geweldig zijn, een week lang al je zintuigen laten prikkelen op manieren die je in het gewone leven niet tegen zou komen. Onvergelijkbaar met welke ervaring dan ook.

De wens om deel uit te maken van die vreemde gemeenschap werd steeds groter, totdat er uiteindelijk een moment was waarop ik besloot nooit meer iets te willen uitstellen, dus ook dit niet. Het kopen van een online kaartje was het makkelijkst. Daarna volgde de stress. Langzaam maar zeker bleek dat de voorbereidingen die getroffen moesten worden groter waren dan je zou kunnen vermoeden. In survival guides werd gesproken in termen van grey water, leave no trace, gift economy, no MOOP. Dit ging ik niet alleen doen. Dus zocht en vond ik mensen die hetzelfde avontuur wilden aangaan, en bezocht ik avondjes waarop we zouden brainstormen, maar die vooral gezellig en inspirerend waren. We struinden markten af op zoek naar geschikte outfits, bouwden een imponerend forum op met teveel informatie, vragen en oplossingen, en maakten elkaar en onszelf steeds zenuwachtiger.

In vier dagen tijd druppelde iedereen binnen in een hostel in San Fransisco, gingen we op zoek naar assecoires en nog meer outfits en maakten we boodschappenlijstjes. De dagen leken steeds meer te vertragen, toen het aanvangsuur naderde. Hoe meer we wisten, hoe minder we ons een voorstelling konden maken van wat ons te wachten stond. Steeds weer moest ik denken aan die prachtige uitspraak: het gaat niet om het doel, maar om de weg er naar toe. Het doel zal de weg hoe dan ook overtreffen, maar het was nog nooit zo leuk om voorbereidingen te treffen.